Ik run mijn eigen eenmanszaak als fashion designer. Ik maak, vermaak, repareer en upcycle kleding. Ik heb geen standaard kledingatelier met een winkelpui. Ik bied een persoonlijke aanpak waarin design en reparatie samenkomen. Naast mijn bedrijf werk ik parttime als managementondersteuner. Die combinatie is best uniek: ik ben creatief én gestructureerd.
Hoe het begon
Ik was altijd tenger en paste nooit goed in normale kleding. Daarom begon ik als klein meisje mijn eigen kleding te vermaken. Op school wilde ik al het kleermakersvak leren. Uiteindelijk belandde ik op Schoevers, de secretaresseopleiding, maar mijn hart bleef bij textiel. Tijdens mijn opleiding was ik in de pauzes vaak te vinden in de stoffenwinkels om de hoek. Via via kwam ik toen toch op de kleermakersopleiding terecht, meer als hobby naast mijn werk.
Ondertussen liep ik tijdens mijn werk als secretaresse altijd rond met spelden in mijn tas om de pakken van mijn collega’s te vermaken. Daar was ik soms hele weekenden mee bezig. Op een gegeven moment dacht ik: dit moet anders. Toen ben ik voor mezelf begonnen.
Hergebruik en upcycling
Bij een baan in de fast fashion-industrie zag ik hoeveel textiel er werd weggegooid. Dat raakte me. Ik nam alles wat ze weg wilden gooien mee naar huis om er iets nieuws van te maken. Zo maakte ik samen met ooit gerecyclede tasjes voor de Margriet Winterfair. Dat werd een groot succes. Sindsdien zoek ik altijd naar nieuwe manieren om kleding en textiel te hergebruiken. Soms repareer ik een broek, soms maak ik er iets totaal anders van.
De magie van kledingreparatie
Voor mij zit de magie in de persoonlijke verbinding. Een trouwjurk verwerkte ik onlangs tot drie tops: één voor de vrouw zelf en twee voor haar dochters. Zo werd één jurk een gedeeld familiestuk. Een ander keer maakte ik van kleding van een overleden dierbare een nieuw draagbaar item. Dat raakt mensen enorm – en mij ook. Zelfs een simpele reparatie, zoals een onzichtbare zigzag over een gat in een spijkerbroek, kan iemand verrassen. ‘Oh, nu kan ik hem gewoon weer aan!’ zeggen ze dan verbaasd.
Mooier dan verwacht
Klanten zijn vaak blij verrast en vinden het mooier dan verwacht. Het allermooiste vind ik als ik mensen anders naar kleding kan laten kijken. Dat ze mij vragen mee te kijken in hun kast, nieuwe mogelijkheden ontdekken en me vragen om dingen passend te maken of te transformeren. Zo ontstaat de bewustwording: kleding hoeft niet weg, je kunt er iets mee doen.
Gouden tip
Bij twijfel of je iets kunt laten repareren: altijd vragen. Reparatie is bijna altijd de moeite waard. We zijn zo gewend om dingen weg te gooien en direct te vervangen, terwijl repareren vaak beter en duurzamer is. Denk in grondstoffen in plaats van afval. Zelfs van een oud t-shirt met verfvlekken kan ik nog iets maken. Bijvoorbeeld een tas. En als iets echt niet meer bruikbaar is, laat ik het vervilten voor iets nieuws.
Kleding repareren is vakwerk
In een ideale wereld zouden we stoppen met de eindeloze productie van nieuwe kleding. We zouden reparatie en ambacht weer waarderen. Net zoals we dat doen bij loodgieters of stukadoors. Kledingreparatie is vakwerk: je hebt veel kennis nodig van stoffen en technieken.
Ik hoop dat we weer een band krijgen met onze kleding. Zoals Kim Polder schrijft in Love letters to my clothes: dat je echt waarde toekent aan elk stuk. Voor mij is dat altijd zo geweest. Juist omdat kleding vroeger nooit goed paste, voelde elk passend kledingstuk als een schat. En dat gevoel gun ik iedereen.